Gneis (0)

Gneis

Gneis (uit Oudhoogduits gneistan = fonkelen) is een middel- tot hooggradig metamorf gesteente met een geband uiterlijk. De textuur van een gneis wordt bepaald door een voorkeursrichting waarin de kristallen liggen. Gneis ontstaat als een gesteente (vaak zandsteen of graniet) onder hoge druk (>1 GPa) en temperatuur (>600 graden Celsius) gedeformeerd wordt.

Er zijn een aantal verschillende criteria waarmee het onderscheid tussen een gneis en een schist wordt bepaald. Soms wordt als criterium gebruikt hoe groot de brokstukken zijn als het gesteente breekt. Een gneis breekt in splinters van centimeters groot, een schist in splinters van millimeters groot. Een andere definitie is dat een gneis gesteente is waarvan de kristallen gemiddeld groter zijn dan 0,2 cm. Gevolg van de meerdere definities is dat wat de ene geoloog een schist noemt, door de ander een gneis wordt genoemd. In de natuursteen-industrie wordt gneis ook vaak met graniet verward. Hoewel gneis uit graniet kan ontstaan, zijn er twee grote verschillen: in ontstaan en textuur. Graniet ontstaat door stolling van magma, terwijl gneis door rekristallisatie van vast gesteente ontstaat; in graniet liggen de kristallen in een willekeurige richting, terwijl ze in gneis een bepaalde voorkeursrichting hebben.


Eigen foto (Gneis 017-GGNE)

De term gneis zegt alleen iets over de textuur van het gesteente. Voor een volledige naam, waarmee het gesteente goed beschreven wordt, is dit niet genoeg en is op zijn minst ook een beschrijving van de mineralogische samenstelling nodig. Een gesteente kan bijvoorbeeld een amfiboliet-gneis of een kwartsoveldspatische gneis zijn. (Bron: Wikipedia)

Hieronder mijn exemplaren van genis.